ClazzEnsemble3
28
aug

Bach DNA, een kijkje in de keuken/ a glimpse behind the scenes

Please scroll down for English version.

Voor wie van plan is het optreden van het Clazz Ensemble tijdens het Bach Festival in Dordrecht bij te wonen voor alle andere nieuwsgierigen, een kijkje in de keuken van de componist….

  1. Het begin van First Intervention doet u misschien denken aan historische arrangementen van de muziek van J.S. Bach door het The Modern Jazz Quartet, the Swingle Singers and Jacques Loussier. Trompettist Frank Anepool en saxophonist Arno Bornkamp gaan van start met Bachs eerste tweestemmige inventie in C (BWV 772). Nadat bariton saxofonist Nils van Haften, bas trombonist Koen Kaptijn en pianist Frank Carlberg zich bij hen gevoegd hebben, valt de ritmesectie in met een swingende ostinato die gaat dienen als begeleiding van improvisaties door de trombonisten Vincent Veneman and Koen Kaptijn. Verderop is er soloruimte voor saxofonist Werner Janssen die begeleid wordt door een stuwend ritme, tussen samba feel en swing.
  2. Trouble Ahead begint met een opeenstapeling van grillige dwarsfluitmelodieën over een akkoordenschema dit zowel Bachkenners als jazzfreaks bekend in de oren kan klinken. De ritmesectie zet een stevig ritme neer dat als een hartslag tot aan het eind van het stuk blijft doorkloppen. De uitwaaierende fluitlijnen worden abrupt onderbroken door een uitbarsting van rockende ritmische patronen. Zij vormen de neerslag van de gevoelens van frustratie die heersten in de tijd dat ik met dit stuk bezig was: de dagen na de fatale crash van vlucht MH17 in het oosten van de Oekraine. Als een fenix uit de as verschijnt trompettist Gerard Kleijn met zijn interpretatie van de aria Erbarme Dich uit de Mattheus Passion (BWV 244).
  3. Het begin van Dazzled is het domein van het saxofoonkwartet. De fuga no 2 in c mineur uit das Wohltemperierte Klavier (BWV 871) vormde mijn inspiratie voor dit stuk. Ook hier geeft de ritmesectie met een stevige beat structuur en rust aan de nogal hectische melodie. Pianist Frank Carlberg treedt naar voren als solist en aan het einde herhalen de koperblazers de beginmelodie van het saxofoonkwartet.
  4. Stoner is de jazz ballad in dit project. Genoemd naar de hoofdpersoon in het gelijknamige boek van John Williams is dit stuk gebaseerd op de vijfde van Bach’s driestemmige inventies (BWV 791). Nils van Haften speelt een onbegeleide solo als intro en improviseert verderop op zijn bassclarinet. Een belangrijke solistische rol in dit stuk is ook weggelegd voor Guus Bakker op de basgitaar.
  5. Ter verluchtiging van dit indringende project heb ik Jethro Tulls bekende versie van Bourree Bourree uit Bachs eerste suite voor luit (BWV 996) als basis genomen voor Past Tense. Tot mijn eigen verbazing kende ik de eerste helft van Ian Andersons fluit solo op de LP Stand Up uit 1969 nog uit mijn hoofd. Maar deze plaat was voor mij destijds dan ook een van de redenen waarom ik zelf dwarsfluit ben gaan spelen. Het Clazz Ensemble klinkt hier als een stuwende bigband. Het swingt en ‘shuffelt’ en daagt de beide trombonisten en saxofonist Arno Bornkamp uit tot energieke improvisaties.
  6. Turtle Bay is het adres van het gebouw van de Verenigde Naties in Manhattan. Voor deze compositie nam ik Bachs zesde inventie in e majeur (BWV 777) als vertrekpunt. Door de voortdurende syncopen in een van de twee stemmen doet deze compositie sterk denken aan een gesprek tussen twee personen. Turtle Bay is een permanente chase chorus waarin wisselende duo’s hun muzikale conversaties naadloos in elkaar over laten gaan. Hun glad geregisseerde conversaties worden echter regelmatig onderbroken door luide accenten door de rest van de spelers. In contrast met de gedetailleerde blazerspartijen staan de twee vrijgevochten improvisaties door pianist Frank Carlberg en mijzelf.
  7. Het massieve geluid van Bach’s Passacaglia voor orgel in c mineur (BWV 582) was mijn inspiratiebron voor het eerste gedeelte van Trinity. Het is luid en rafelig en de dichte textuur wordt nog extra benadrukt door mijn solo op de tenor sax. Maar dan  klaart plotseling de lucht op en wentelt de band zich in een even spiritueel als vreugdevol 9/8 ritme. Verschillende solisten spelen solo fills over de tijdloze melodie, die langzaam uit het beeld verdwijnt.

A glimpse behind the scenes for those who want to attend the première of BACH DNA on Friday september 26 during the BACH Festival in Dordrecht (NL) and for all other curious music lovers…

  1. The initial measures of First Interventionreflect the traditional swing approaches to J.S. Bach’s music you may know by The Modern Jazz Quartet, the Swingle Singers and Jacques Loussier. Trumpet player Frank Anepool and alto saxophonist Arno Bornkamp start with the original notes of Two Part Invention no 1 in C (BWV 772). After being joined by baritone saxophonist Nils van Haften, bass trombonist Koen Kaptijn and pianist Frank Carlberg, the rhythm section starts a swinging ostinato rhythm to comp the trombone solos of Vincent Veneman and Koen Kaptijn and moves between samba and swing supporting a long solo by alto saxophonist Werner Janssen.
  2. Trouble Aheadstarts with a samba with Dick, Werner and Nils playing capriciousflute parts over chord changes that sound familiar to both jazz lovers and Bach addicts. The rhythm section provides a steady heartbeat that lasts until the end of this tune. The pondering flute melodies are interrupted by a sudden outburst of rocky percussive patterns that reflect my mental mood during the days I was conceiving this tune. It was in the week flight MH17 was shot down from the East Ukraine air space. The trumpet of Gerard Kleijn rises up from the crash site and improvises his way through the aria Erbarme Dich from the Matthew Passion (BWV 244).
  3. The beginning of Dazzledis dominated by the reed-section. Itis inspired by Fugue no 2 in C minor from the Well-tempered Clavier (BWV 871). Also here, a firm rhythm supports and controls the hectic melody. Vincent on the trombone and myself on the tenor sax play short solo-fills. At the end the brass repeats the initial melody of the saxophone section and pianist Frank Carlberg gets his solo space.
  4. Stoner serves as the jazz ballad in this concert. This tune is based on no 5 of Bach’s 3 voice inventions (BWV 791). It is conceived a little slower than the prescribed allegretto by which its beauty is even more convincing. Nils and Guus are the featured soloists on the bass clarinet and on the bass guitar.
  5. To lighten up the atmosphere I took Jethro Tull’s version of Bourree from Lute Suite no 1 (BWV 996) as the basis for my composition Past Tense. To my surprise I still could sing the first half of his flute solo on the LP Stand Up (1969) which was one of the reasons I decided to become a flute player myself. My arrangement swings and shuffles its way along edgy riffs. I leave the improvisations to our trombone players and to Arno Bornkamp on the alto saxophone.
  6. Turtle Bayis the address of the United Nations Building in Manhattan. I took Bach’s invention no 6 in E major (BWV 777) as my point of departure. With its continuous syncopes in one of the 2 voices this two-part invention reflects a discussion between two partners. The result is a continuous chase chorus in which changing couples of instrumentalists fluently take over each other’s arguments. These seemingly fluent conversations are regularly interrupted by brutal tutti-hits. In great contrast to these painstakingly arranged notes, the soloists, Frank Carlberg on the piano and myself on the tenor sax, improvise in a loose free-jazz type of groove.
  7. The massive sound of Bach’s Passacaglia for Organ in Cm (BWV 582) served as my inspiration for the first part of Trinity. It is loud and edgy and has a dense texture that is even stressed by my solo on the tenor sax. All of a sudden the tune takes a more happy and final direction in a holy and joyful 9/8 mood. Various soloists play their solo fills over the melody, that slowly fades away.